World Energy Outlook rapport geeft inzage in de wereldwijde energiemarktprognoses

26-11-2018

De belangrijkste punten uit de WEO 2018 voor u op een rij.

De World Energy outlook (WEO) is geschreven door het Internationaal Energieagentschap (IEA) en op 13 november 2018 gepresenteerd in London. Het schetst een beeld van energie op globale schaal.

Het WEO rapport wordt gezien als meest betrouwbare bron voor wereldwijde energieprojecties en -analyse. Het rapport geeft inzage in middellange tot lange termijn energiemarktprognoses, uitgebreide statistieken, analyse en advies, niet alleen voor de energiesector maar ook voor overheden. We zetten de  voornaamste zaken in de WEO 2018 voor u op een rij.

Opgesloten in de energie-infrastructuur

De keuzes van overheden zullen de toekomst van de energievoorziening bepalen. Er zijn verschillende signalen op het gebied van de verandersnelheid en -richting:

  • De oliemarkt wacht een periode van nieuwe onzekerheid en volatiliteit, met mogelijk een tekort in de aanvoer begin jaren '20.
  • De vraag naar aardgas neemt toe, onder andere doordat China opkomt als een grote consument.
  • Zon-PV blijft zich ontwikkelen, maar andere hernieuwbare technieken hebben meer steun nodig.
  • In totaal zal de energievraag tot 2040 met meer dan 25% toenemen. Dit betekent dat er jaarlijks 2 biljoen dollar geïnvesteerd moet worden in de energievoorziening.
  • Voor het eerst zijn er wereldwijd minder dan 1 miljard mensen die geen toegang hebben tot elektriciteit.

Verder schrijft het IEA dat veel CO2-emissies in wezen opgesloten zijn in de energie-infrastructuur. De  kolencentrales vertegenwoordigen meer dan een derde van de cumulatieve ingesloten emissies tot 2040. Dit komt met name doordat er in Azië veel relatief nieuwe kolencentrales staan die nog decennia zullen blijven draaien. Het aandeel fossiele energie in de wereld bleef de afgelopen 30 jaar stabiel op 81%, maar de absolute energievraag is flink gestegen. Duidelijk is dat we een andere kant op bewegen dan waar doelen ons heen willen hebben en de forse stijging in zonne- en windenergie is niet genoeg om de emissies van de rest te compenseren.

China switcht van kolen naar gas

Wat de gasmarkt betreft; die wordt hoofdzakelijk bepaald door ontwikkelingen in China. De sterke stijging van de vraag in China zorgde er al voor dat het overaanbod op de mondiale gasmarkt uitbleef. Het vorig jaar afgesproken Chinese vijfjarenplan zet in op gas, onder andere in het ‘blauwe lucht beleid’; een switch van kolen naar gas. Het IEA ziet eenzelfde effect in de gasmarkt als dat zich 10 jaar geleden in de oliemarkt voltrok. LNG wordt de primaire vorm van handel; 80% van de groei in de gashandel is in de vorm van LNG. Voorheen werd voor gas vooral een rol in elektriciteitsopwekking gezien; nu is dat nadrukkelijk in de industrie.

Het IEA verwacht dat in de EU het aandeel van gas in de energiemix licht stijgt tot zo’n 20%. Wind neemt het grootste aandeel in 2040, van zo’n 30%. Daar kan Europa, en Nederland in het bijzonder, een koploperpositie pakken. Dat is niet gelukt bij zonPV, want 6 van de 10 panelen zijn Chinees.

Focus op elektriciteit

De specifieke focus van de WEO van dit jaar is op elektriciteit. De elektriciteitsvraag stijgt twee maal zo hard als de gehele energievraag. Echter dat zorgt niet voor extreme daling van de olievraag. Elektrificatie van de energievraag leidt bovendien ook niet tot een daling van emissies; het gaat alleen samen met decarbonisatie van het elektriciteitsaanbod. Het aanbod zorgt ook voor integratie-uitdagingen, en flexibiliteit zal belangrijker worden. Het IEA heeft er een schaal voor ontwikkeld, waarbij meer duurzame energie uiteindelijk ertoe leidt dat alle technologieën nodig zijn om de transitie te laten slagen. Waterstof wordt ook genoemd als optie. Volgend jaar zet Japan dit op de agenda als het de G20 host.

Ondanks de toename van elektrische auto’s stijgt de vraag naar olie, voor onder andere de scheep- en luchtvaart, terwijl we zien dat de huidige olieproductie afneemt en een lage interesse in investeringen wordt geconstateerd. Dat leidt tot krapte. Het is ook een voorbeeld waar perceptie en realiteit uit elkaar lijken te lopen, en dat heeft gevolgen voor de toekomstige markt.

Aandeel kernenergie daalt

Tevens laat ook kernenergie een verschuiving zien. De Verenigde Staten is het land met de meeste kerncentrales. Maar doordat er in de Verenigde Staten en Europa nagenoeg geen nieuwe gebouwd worden, er geen verlenging van de levensduur plaatsvindt en er vervroegde sluiting is, daalt het aandeel van kernenergie in de westerse wereld. Het netto effect op emissies is neutraal omdat duurzame energie de neergang van kernenergie vervangt. In China worden er momenteel veel kerncentrales gebouwd; China wordt daardoor binnen 10 jaar de grootste producent van kernenergie.

De totale investeringen in de energie die nodig zijn over de outlook periode (heden tot 2040) zijn 42,3 biljoen dollar. Van deze benodigde investeringen zou 30% puur privaat zijn, markt gedreven; 70% zou vanuit de overheid of ‘state directed entities’ komen. Die laatste categorie bevat netwerkbedrijven, subsidies voor duurzame energie, en door beleid ingegeven veranderingen. Het ‘lot’ van de planeet en van de economie ligt derhalve bij de overheden, aldus het IEA.

Wat kunnen we hieruit concluderen voor Nederland?

Nederland heeft ambitieuze doelstellingen op het gebied van klimaat veranderende maatregelen. De Nederlandse overheid wil dat er in 2030 in Nederland 49% minder broeikasgas uitgestoten wordt dan in 1990. Zo’n grote  emissiereductie vraagt om forse maatregelen. De Nederlandse overheid is daarom bezig het beleid vast te stellen hoe we dat traject gaan doorlopen. Het wachten is op de definitieve versie van het Klimaatakkoord, waarin afspraken staan met de elektriciteitssector, de industrie, de gebouwde omgeving, de transsportsector en de landbouw.