Spring naar inhoud

Uitfasering aardgas moeilijker dan velen denken

CEO Annie Krist in een interview met Energeia

Energeia

Uitfasering aardgas moeilijker dan velen denken

Door Jeroen Savelkouls

14 februari - De snelle uitfasering van aardgas in de gebouwde omgeving en industrie is duur en zelfs contraproductief. Dat betoogt directeur Annie Krist van gashandelsbedrijf GasTerra bij de presentatie van de jaarcijfers.

Op dit moment wordt in de zogenoemde Regionale Energiestrategieën (RES'en) afspraken gemaakt over het terugdringen van de CO₂-uitstoot in de gebouwde omgeving. Een belangrijk middel daartoe is de uitfasering van aardgas. Maar volgens Krist blijkt steeds vaker dat regio's hiermee worstelen. Het zou namelijk niet alleen onevenredig duur zijn, maar bij gebrek aan voldoende alternatieven werkt het van-gas-los-beleid-zelfs contraproductief.

“Wij zouden nooit zeggen ‘told you so’, dat doet er ook helemaal niet toe, maar we hebben natuurlijk een heel lastige situatie in Nederland” zo zegt zij in een interview met Energeia. “We zijn gewoon gasverslaafd. Het heeft ons veel gebracht, en daar hebben we nu last van.” Volgens Krist is het niet alleen voor woningen, maar ook voor bedrijven hierdoor erg ingewikkeld om een overstap te maken. “Hier was nooit een kunstmestindustrie gekomen als de bel in Slochteren niet was gevonden. Ik denk zelfs dat Tata Steel er niet zou zijn gekomen. Dat komt allemaal door dat aardgas. En we zijn gewend geraakt aan het comfort.”

Groen gas
Eén van de mogelijke oplossingen is het gebruik van groen gas. Maar volgens Krist is het dan wel van belang om een landelijk en zelfs Noordwest-Europees perspectief te houden. In plaats daarvan, zo merkt zij, willen de regio's het liefst alles in eigen hand houden. We praten nu over groene stroom die we ‘zelf’ op de Noordzee produceren, maar we zullen ook moeten gaan importeren. Waarom zou je dan straks als het gaat om duurzame moleculen opeens zelfvoorzienend willen zijn?”

GasTerra heeft de afgelopen jaren geïnvesteerd in de aankoop van groen gas en garanties van oorsprong. Het bedrijf hoopt dat hierdoor een bijdrage te kunnen leveren aan een toekomstperspectief voor de gassector, ook nadat het zelf van het toneel is verdwenen. “Zolang wij bestaan, zullen we ons inspannen om de markt vooruit te helpen”, aldus Krist. Om diezelfde reden investeert het bedrijf ook in onderzoek naar de mogelijkheden voor een waterstofmarkt.

CO₂-afhankelijke belasting
In zijn jaarverslag houdt GasTerra een pleidooi voor de invoering van een CO₂-afhankelijke energiebelasting. Door een dergelijke bronbelasting zou de energietransitie effectiever gestimuleerd kunnen worden. Het leidt bijvoorbeeld tot een meer gunstige positie van groen gas, dat nu op dezelfde manier wordt aangeslagen als aardgas.

Vorig jaar maakte GasTerra bekend dat het op termijn zal ophouden te bestaan. Immers, aan de voornaamste missie van het bedrijf, het verhandelen van Gronings aardgas, komt binnenkort een einde. Onduidelijk is nog wanneer het doek precies zal vallen; dat is nog onderwerp van gesprek. Feit is wel dat de nu al fors beperkte productie uit het Groningen-veld grote invloed heeft op het bedrijf. Het totale inkoopvolume kwam vorig jaar uit op 51,5 miljard kubieke meter, een daling van 4 miljard kuub ten opzichte van 2018. Die trend zal zich, vanzelfsprekend, de komende jaren voortzetten.

Afspraken met GTS
Intussen is het bedrijf wel gehouden aan lopende afspraken met GTS over de te gebruiken capaciteit van het transportnet. Door de dalende volumes heeft GasTerra steeds minder behoefte aan reeds geboekte capaciteit, waarvoor gewoon kosten moeten worden gemaakt. Krist laat weten in gesprek te zijn met de netbeheerder. Om welke bedragen het gaat, wil zij niet zeggen. Wel blijkt uit de cijfers in het jaarverslag dat de daling van de transportkosten een stuk minder hard gaat dan die van het inkoopvolume. De netto-omzet van GasTerra daalde van bijna 11,2 miljard naar 8,8 miljard, mede als gevolg van de lage gasprijzen.

Het jaarverslag laat verder zien dat de (vorig jaar nog) aanstaande Brexit vooralsnog een positief effect heeft gehad op de liquiditeit van de Nederlandse gashandelsbeurs TTF. In 2017 slaagde TTF er al in om het Engelse NBP te passeren als grootste hub van Europa en vorig jaar is die leidende positie verder versterkt: het handelsvolume steeg met 60%, terwijl dat van NBP met 12% kromp. Het aandeel van de Duitse handelsplaatsen NCG en Gaspool bedraagt 6,6%.

Copyright: Energeia