Verbinding op zee

28-11-2018

Verslag van het KVGN-symposium over offshore systeemintegratie in Rotterdam

Op woensdag 21 november vond het KVGN-symposium plaats over offshore systeemintegratie in het Maritiem Museum te Rotterdam.

In de introductie benoemde Han Fennema het jaar 2018 als het jaar van het klimaattafels. Hij zag daar dat de systeemintegratie, het huwelijk tussen de elektronen en moleculen, nog ontbrak. Zou 2019 het huwelijksjaar van de offshore systeemintegratie kunnen worden? Om te kijken waar we wat dat betreft staan, waren er drie presentaties over noodzakelijke stappen die al in 2018 gezet zijn en in 2019 opvolging vinden.

Vijf opties

Joris Koonneef, strategisch consultant bij TNO, trapte af met vijf opties voor deze offshore integratie: Elektrificatie van de offshore platforms, Power-to-Gas, CCS, Gas to Wire en Energy storage. Voor elk van deze oplossingen valt wat te zeggen, maar op dit moment worden allen nog ontwikkeld en getest. Het is nog maar de vraag of er ook een business case uit te halen is. Feit is wel dat er groot ingezet wordt op offshore wind en dat het verstandig is om dat te koppelen aan bestaande infrastructuur.

Circular Energy

Arnold Groot, General Manager van Circular Energy hield een technisch betoog over het duurzaam leegtrekken van gasvelden, terwijl ze tegelijkertijd gevuld worden met CO2 dat vrijkomt bij stroomproductie met het geproduceerde gas. Op die manier blijft de druk in het veld gelijk en verkleint het de kans op bevingen en/of bodemdaling. Als het veld leeg is met gas en vol met CO2 kun je het afsluiten met beton. Groot werkt er hard aan om de pilot hiervoor in 2021 in bedrijf te starten met een 14% post-taks return ratio. Dit project met de naam “Cranberry” kan je zien als een offshore battery project. Op de vraag waarom stroom en geen waterstof, antwoordde Arnold dat er nu wel al een markt is voor stroom maar nog niet voor waterstof. Dat maakt voor een start-up een betere business case om investeerders aan te trekken.

Hergebruik platforms

Jacqueline Vaessen sloot het symposium af. De general manager van Nexstep (een samenwerking van Nogepa en EBN) houdt zich bezig met het nationale platform voor hergebruik en ontmanteling. Niet voor niets wordt eerst hergebruik genoemd, omdat er eerst gekeken moet worden of dit een optie is voor de platforms. Eenmaal ontmanteld worden ze niet weer opgebouwd. Het doel van Nexstep is het reduceren van de kosten met 30%. De staat betaalt namelijk nu zo’n 70% van de totale ontmantelingskosten. Als je bedenkt dat er ongeveer 150 platforms op de Noordzee staan dan gaat het om miljarden euro’s. Hoe gaan ze dat doen? Door transparant te zijn, in te zetten op shared learning, zorgen voor effectieve en efficiënte regelgeving, contact te houden met internationale partnerorganisaties en met een dedicated innovatieve agenda. Essentieel probleem in het hele verhaal is de dreigende kloof tussen eind van de productie en nieuwe  bestemming. De re-usevraag komt nog al eens ruim na de decommissioning van de velden. Ook bij de offshore systeemintegratie is er dus sprake van een ‘Mind-the-Gap’ waarschuwing. De oplossing lijkt te zijn om niet te snel af te breken, eerst kijken wat we er nog van kunnen gebruiken. Op de vraag wie dat moet betalen is nog geen antwoord.

Een klein maar indrukwekkend symposium waar de potentiële bijdrage van systeemintegratie aan het klimaatprobleem groot en veelzijdig bleek. Maar waar vooral ook haalbaarheid en timingsissues als rode draad door de presentaties liepen.