De kernactiviteiten van GasTerra betreffen de in- en verkoop van aardgas. Daarbij ligt de nadruk op het vermarkten van de Nederlandse aardgasvoorraden, zodanig dat meerwaarde aan deze bodemschat wordt toegevoegd. De onderneming acht het dan ook van grote betekenis om zo lang mogelijk over een stabiele en goed gevulde portfolio te kunnen beschikken en in het verlengde hiervan in praktische toepassingen. De waarde van aardgas rechtvaardigt een efficiënt gebruik.
Als directe consequentie mag van GasTerra worden verwacht, dat een doelmatige en spaarzame inzet van aardgas wordt gepropageerd. Dit gebeurt ook. Al in de jaren ’70 en ’80 hanteerde het bedrijf publieksgerichte campagnes om te wijzen op de waarde van efficiënt gebruik. In diezelfde periode is de hoogrendementsketel (HR-ketel) ontwikkeld, die aantoonbaar heeft bijgedragen aan de structurele verlaging van aardgasgebruik op huishoudelijk niveau.
In de jaren ’90 is het Milieu Plan Industrie (MPI) opgezet en ingevoerd. Dit voorzag in adviezen aan industriële klanten over een efficiënter energie- en vooral aardgasgebruik. In honderden bedrijven en zelfs in hele branches, zoals de glasindustrie en de papiersector, zijn projecten uitgevoerd die tot besparingen leidden in de orde van 10 tot 50%.
Dit vroegere beleid vindt rechtstreeks voortzetting in het huidige transitiebeleid van GasTerra. De redenen hebben zo mogelijk nog meer grond dan voorheen. De zorgen over klimaatverandering hebben zich gevoegd bij al aanwezige factoren als milieubelasting, de kosten van energie en het behoedzame gebruik van eindige reserves.
Als heel specifieke reden geldt heden ten dage ook nog, dat de bewustwording over de eindigheid van de fossiele brandstofvoorraden bij aanvang van deze nieuwe eeuw is gegroeid. De fossiele reserves zijn nog aanzienlijk en bijkomende hoeveelheden uit verdergaande exploraties (technologisch en/of geografisch) zijn te voorzien. Dit neemt niet weg, dat tussen 2050 en 2100 de fossiele brandstoffen in afnemende hoeveelheden beschikbaar zullen zijn, terwijl mogelijk eerder al ingrijpende, situatiegebonden schaarsteproblemen zullen ontstaan. Daar de vraag naar energie op basis van de actuele kennis en de huidige prognoses zich tot 2050 nog lijkt te verdubbelen en tegelijk de zorg over klimaatverandering door velen wordt gedeeld, neemt de roep om schone energieprocessen met minder uitstoot van schadelijke stoffen en duurzame bronnen hand over hand toe.
Met deze omstandigheden en ontwikkelingen als uitgangspunt legt GasTerra zich toe op een beleid dat energietransitie faciliteert.
De overwegingen zijn als volgt. De overgang naar een tijdperk met hoofdzakelijk duurzame energie vereist niets meer en niets minder dan een fundamentele en essentiële omslag in gedrag en technologie en zal diep ingrijpen in bestaande politieke en economische verhoudingen en constellaties.
Het vergt inspanningen en bereidheid tot samenwerking van iedereen en alles en vertegenwoordigt hiermee zowel een collectief als individueel proces. Aan die individuele kant zal elke onderneming naar beste kunnen te werk dienen te gaan. Voor GasTerra ligt dat kunnen en de bijbehorende deskundigheid op het terrein van aardgas.
Als het transitietraject als een brug wordt gezien, die van de ene oever van de fossiele wereld naar de andere oever van de duurzame wereld wordt gebouwd, dan zal aardgas de overkant niet halen, maar die overgang wel helpen bevorderen.
De samenleving staat nog aan het begin van dat traject en in die fase kan aardgas er nog decennialang in deze eeuw voor zorgen, dat op een zo schone, zo efficiënte en zo duurzaam mogelijke wijze vanaf een stabiele conventionele energie-oever aan die brug wordt gebouwd.
Dat bedoelen we met faciliteren: de bouw van de brug, de transitie een zo stabiel mogelijke start verschaffen.
Het duurzaamheidsbeleid is onderdeel van het corporate beleid en als zodanig daarmee van het jaarlijkse businessplan. De uitvoerende activiteiten ressorteren onder de afdeling SE (Strategie en Planning / Energietransitie). Omdat GasTerra geen productieprocessen heeft waarop duurzaamheid van toepassing is, wordt organisatorisch veel samengewerkt met derden, zoals consultants, laboratoria en energiebedrijven.