Het antwoord is: nee. Hierbij moet niet zozeer naar de binnenlandse markt worden gekeken als wel naar de Europese. Aardgas heeft in ons land een uitzonderlijk hoge penetratiegraad, waardoor stookolie en huisbrandolie minder worden toegepast. De Nederlandse aardgasmarkt is echter geen eiland, maar maakt onderdeel uit van de internationale energiemarkt. In een groot deel van Europa is er wel degelijk concurrentie tussen gas en olieproducten. In landen als Duitsland en België wordt bijvoorbeeld op de huishoudelijke markt nog op grote schaal huisbrandolie verkocht. Voor olieproducten bestaat een 'volwassen' transparante markt, waarin door vraag en aanbod een zelfstandige marktprijs tot stand komt.
Tegelijkertijd kan worden geconstateerd, dat er in Europa virtuele handelsplaatsen voor gas ontstaan, waarop in aardgas wordt gehandeld en waarbij concurrentie plaatsvindt op basis van het aanbod en de vraag van aardgas. Men noemt dit gas-to-gas pricing. Oliebinding speelt hier geen rol meer.
Verder blijkt in landen waar niet een oliegerelateerd prijssysteem bestaat (Amerika en Engeland), dat de prijs van aardgas desalniettemin gelijklopende ontwikkelingen laat zien ten opzichte van de prijs van olie. Deze gasprijs schommelt echter vaak sterker dan de prijs van olie, met als consequentie meer prijsonzekerheid voor eindverbruikers.

Bovenstaand figuur toont het verloop van de Amerikaanse, Engelse en West-Europese gasprijzen op groothandelsniveau. In Amerika en Engeland komen de prijzen tot stand via gas-to-gas pricing. In West-Europa daarentegen zijn de gasprijzen meestal gebaseerd op de prijs van olie. Te zien is onder meer dat de prijzen in Amerika en Engeland veel meer fluctueren dan in West-Europa; extreme prijsstijgingen en -dalingen wisselen elkaar af.
N.B. De gasprijzen vanaf april 2006 zijn gebaseerd op marktverwachtingen. Aangezien de markten turbulent kunnen zijn, kunnen en zullen verwachtingen in de loop der tijd sterk veranderen.